Haagse wandeltocht

Vorige week zondag liepen we van Den Haag Centraal naar Scheveningen om na een lunch aldaar weer terug te lopen. Wat een mooie wandeling door de stad (Binnenhof en Vredespaleis onder andere) en door het groen van de Scheveningen Bosjes, het Haagse Bos en Clingendael. De foto’s zeggen genoeg.

Vaccinatie

Vandaag kreeg ik mijn eerste prik! Hieperdepiep. In de prikstraat in Rijswijk in de Broodfabriek. Het was prima georganiseerd, overal behulpzame mensen in gele hesjes die voortdurend vertelden waar je naartoe moest. De prikdame zette vastberaden de naald in mijn bovenarm, plakte een pleister en klaar was het. Zij leek zo sprekend op iemand uit mijn verleden, dat het bijna eng was. Ik keek nog eens goed, maar nee, zij was het niet. Maar ik was wel in een keer terug in het jaar 2000. En dacht aan Janny.

In 2000 studeerde ik filosofie, gewoon voor de lol. Maar omdat ik ook nog iets wilde doen voor het nut van het algemeen, had ik mij als vrijwilliger aangemeld bij een Delftse welzijnsorgansiatie. Ik werd coördinator vrijwilligers bij een project dat eenzame Delftenaren koppelde aan goedbedoelende vrijwilligers, waar overigens vaak een steekje aan los zat. Dat gold ook voor het bestuur van deze organisatie waar Janny deel van uitmaakte. Samen met Bettie was zij verantwoordelijk voor mijn project. Bij het inwerken werd ik knettergek van hen. Bettie en Janny kenden elkaar al jaren en waren behalve professioneel bestuurslid, ook dikke vriendinnen. Mijn inwerkperiode werd gekenschetst door hun dialogen waarin zij continu elkaars naam noemden: “Janny, wat zullen wij doen met de vraag van XYZ?” “Ik weet het niet, Bettie. Maar zeg eens Bettie, is er al iets bekend over ABC?” “Geen idee Janny. Maar hoe zullen we vandaag de werkzaamheden verdelen, Janny?” En dan opeens “Bettie, hoe was je daagje uit gisteren?” “Nou, Janny, wat leuk dat je het vraagt, het was geweldig gezellig.” Enzovoorts enzoverder. De Janny’s en de Betties vlogen mij om de oren. Thuis had ik het alleen nog maar over Bettie, van Janny en Bettie en over Janny, van Bettie en Janny. Pieter werd er ook horendol van.

Janny was oud-verpleegkundige en oud-lerares Duits. Zij was strict en streng en niemand kreeg zomaar een vrijwilliger toegewezen vanwege vermeende eenzaamheid. Bettie was boerin en had 8 kinderen grootgebracht. Haar hart was groot en zij vond iedereen zielig. Samen werkten zij mij in en ik kreeg dus volstrekt tegenstrijdige signalen over het beleid van de organisatie. Dat was verder prima, want zodoende kon ik mijn eigen plan trekken.

De Janny van vanmiddag leek waarschijnlijk alleen maar op de echte Janny omdat zij ook oud-verpleegkundige was. Zonder iemand te willen beledigen, herken je hen uit duizenden. Vastberaden, beetje pinnig, professioneel meelevend. Daarnaast zijn ze vaak ook gezellig, humoristisch en goed vriendinnenmateriaal. Maar dat geldt dan weer niet voor Janny.

Le Comteprijs

Ieder jaar reikt Delfia Batavorum de Le Comteprijs uit voor de beste verfraaiing van het Delftse stadsbeeld. De vereniging vat dat heel breed op: het kan een restauratie zijn of een verbouwing van een monument, een nieuw beeld ergens op een plein of een fraai stoephek, een muurschildering (dat is heel populair tegenwoordig), een winkelpui, gevelsteen of gevelreclame. Bij voorkeur is er op een of andere manier een link met de Delftse geschiedenis. Dat mag ook recente geschiedenis zijn, zoals iets nieuws in de naoorloogse buitenwijken.

Dit jaar waren er weer veel nominaties. Onder andere een muurschildering (!) in een naoorlogse buitenwijk: op de kopgevel van een flatgebouw aan de Chopin laan. Hoewel erg fraai niet de winnaar.

En omdat het hemd nu eenmaal nader is dan de rok, sta ik helemaal achter de winnaar van de Compteprijs 2020: de Delftse keramiekkaart.

Als je goed kijkt, kan je ons huis vinden.

Deze keramiekkaart is gemaakt op een blinde muur aan de kant van de Papenstraat vlakbij de Choorstraat. Uit het nominatierapport: “Het is een afbeelding van de Delftse binnenstad gebaseerd op zeventiende-eeuwse stadskaarten, en daarvan nog het meest op een kaart uit 1700. De kaart, in feite een groot tableau, is opgebouwd uit kleinere, driedimensionale stukken keramiek. De grotere panden zoals de kerken en het stadhuis zijn, hoewel herkenbaar, duidelijk vereenvoudigd en erg vrij weergegeven. Evenals de afzonderlijke gebouwtjes is ook de complete afbeelding geen exacte kopie, maar een vrije interpretatie van de historische voorbeelden. De keramiekkaart, op zich al een opvallend en mooi kunstwerk, heeft daarmee ook een toegevoegde betekenis als een hedendaagse interpretatie van de historische kaarten van Delft.”

Project Pannenlap

Om het eentonig gehaak aan de regenboogdeken voor vriendin D (sorry D) te onderbreken had ik een nieuw projectje voor tussendoor bedacht. Het project pannenlap (niet te verwarren met het project plafond).

Voortvarend bestelde ik katoen, een haaknaald en een patroon bij een of andere hobbywebsite. Tot mijn schrik kwam er een soort track and trace binnen waarin ik werd gesommeerd €40 inklaringskosten te betalen bij aflevering. Slik, daar was ik een poosje geleden ook al ingestoken met een bestelling bij een Britse webshop. Dat worden zo wel heel dure pannelappen!

Gelukkig bleek het uiteindelijk loos alarm. Op de een of andere manier had ik in de post.nl-app een oud bericht geopend in plaats van het nieuwe bericht over de pannenlappen.

Vandaag de hele dag gehaakt: eertse pannenlap klaar. Ik vroeg mij af of er nog wel genoeg katoen over is voor de tweede. Het leek mij krap te worden. Vriendin L adviseerde de eerste lap uit te halen en twee kleinere lappen te haken. 😫😫😫😫😫

Ik pakte de keukenweegschaal erbij. Gelukkig! Pannenlap weegt minder dan de overgebleven bolletjes. Dus dat moet goedkomen!

Terug naar Rotterdam

Samen met vriendin D ging ik vrijdag naar Rotterdam naar het Erasmus MC. Ooit hebben we daar samen geneeskunde gestudeerd en nu werkt de jongste dochter van D er als arts-onderzoeker. Wij deden mee aan haar onderzoek als gezonde proefpersonen. Dochter L doet iets ingewikkeld, maar kort samengevat meet zij het zuurstofverbuik van cellen. Heel interessant onderzoek, dat mogelijk ooit een sleutel gaat opleveren om mensen met extreme vermoeidheid bijvoorbeeld na chemotherapietherapie te begrijpen en te behandelen. Zo ver is het nog niet, maar wat zou dat mooi zijn!

Wij hoefden zelf niets ingewikkelds te doen gelukkig. De dag ervoor een pleister met een bepaald stofje op de huid van het borstbeen plakken en in het ziekenhuis werden er met laser metingen gedaan op de huid. En we moesten een buisje bloed afstaan. Na afloop kregen we een rondleiding door het laboratorium waar alle waarden geanalyseerd worden. Echt leuk om weer rond te kijken op de plek waar wij bijna 40 jaar geleden onze practica deden. Net voor we weer zouden vertrekken, bleek mijn buisje met bloed kapotgecentrifugeerd. Ik mocht dus opnieuw een priksessie ondergaan. Alles voor de wetenschap 😀.

Inmiddels was het 13 uur en hoog tijd voor een lunch in het personeelsrestaurant. Daar herinneren vriendin D en ik ons opeens de koffiebar van vroeger. De faculteit was destijds erg vooruitstrevend met een heuse koffiebar waar je allerlei – toen exotische – soorten koffie kon drinken. Wij spraken daar altijd af een kwartiertje voor de colleges en practica begonnen en dronken dan bijvoorbeeld een panna montata. Bij de herinnering leefden we helemaal op. Dochter L en haar collega keken ons medelijdend aan. Je zag ze denken: “Arme boomers.” L zei behulpzaam: “Er zit hier in het ziekenhuis een Doppio, een Starbucks en een AH-to-go. Dus als jullie koffie willen….”

Tja, niet alles was vroeger beter.

Troep en troost

Het is pas een week bezig en ik heb al een klein beetje spijt van mijn opgetogen woorden aan de start van het Project Plafond. Ik was even vergeten hoe stoffig zo’n verbouwing is, hoe moedeloosmakend al het vergeefse stofzuigen en dweilen, hoe onvrij je bent (of je je voelt) in je eigen huis, hoe hard de radio aanstaat de hele dag en de enorme hoeveelheden koffie-met-stroopwafels die je moet aanslepen.

Maar gelukkig breekt het voorjaar nu echt door en is er buiten veel moois te zien. Inclusief mijn loftrompetjes die opeens toch nog allemaal de grond uitschoten!

Klaar voor de grote remake

Lekker twee dagen ingepakt. Dat ging best langzaam, langzamer dan ik had gedacht in elk geval. Maar het is gelukt, kasten zijn leeg en de dozen gevuld. Morgen nog wat laatste dingetjes regelen en pakken en dan komt dinsdag de verhuizer (als alles goed is) om de spullen op te halen.

Ouranos raakte helemaal ontregeld en vond een fijn plekje om te gaan liggen: in de stoel met de poef er ondersteboven opgezet als afdakje 😀

En zelf stukgekrabd…

Anders dan bij eerdere verbouwingen begaf de stofzuiger het deze keer al voor het begin. Morgen dus maar snel een nieuwe kopen en hopen dat hij iets langer meegaat. Ik weet niet hoe dat komt, maar ik verslijt stofzuigers nog sneller dan schoenen.

Storm- of bliksemschade?

Na een onstuimig en culinair paasweekend brak de gewone werkweek weer aan. Mijn lunchwandeling leidde langs de Oostpoort waar ik de restschade (denk ik) van het herfstweer aanschouwde. Er blijkt nog een nijlgans in de boom te broeden. Daarom blijven de resten voorlopig zo staan.

Thuis had ik net de aankomst van de verhuisdozen gemist. Maar daar kan ik nog een hele week van genieten. Volgende week dinsdag komt de verhuizer om de boel weg te halen en op te slaan. We gaan onze laatste grote(re) verbouwing aan. De woonkamer krijgt een nieuw plafond en de parketvloer een schuurbeurt. En dan is na 29 jaar eindelijk alles helemaal zoals wij het willen. Tijd om naar iets nieuws om te zien? 😀