Le Comteprijs

Ieder jaar reikt Delfia Batavorum de Le Comteprijs uit voor de beste verfraaiing van het Delftse stadsbeeld. De vereniging vat dat heel breed op: het kan een restauratie zijn of een verbouwing van een monument, een nieuw beeld ergens op een plein of een fraai stoephek, een muurschildering (dat is heel populair tegenwoordig), een winkelpui, gevelsteen of gevelreclame. Bij voorkeur is er op een of andere manier een link met de Delftse geschiedenis. Dat mag ook recente geschiedenis zijn, zoals iets nieuws in de naoorloogse buitenwijken.

Dit jaar waren er weer veel nominaties. Onder andere een muurschildering (!) in een naoorlogse buitenwijk: op de kopgevel van een flatgebouw aan de Chopin laan. Hoewel erg fraai niet de winnaar.

En omdat het hemd nu eenmaal nader is dan de rok, sta ik helemaal achter de winnaar van de Compteprijs 2020: de Delftse keramiekkaart.

Als je goed kijkt, kan je ons huis vinden.

Deze keramiekkaart is gemaakt op een blinde muur aan de kant van de Papenstraat vlakbij de Choorstraat. Uit het nominatierapport: “Het is een afbeelding van de Delftse binnenstad gebaseerd op zeventiende-eeuwse stadskaarten, en daarvan nog het meest op een kaart uit 1700. De kaart, in feite een groot tableau, is opgebouwd uit kleinere, driedimensionale stukken keramiek. De grotere panden zoals de kerken en het stadhuis zijn, hoewel herkenbaar, duidelijk vereenvoudigd en erg vrij weergegeven. Evenals de afzonderlijke gebouwtjes is ook de complete afbeelding geen exacte kopie, maar een vrije interpretatie van de historische voorbeelden. De keramiekkaart, op zich al een opvallend en mooi kunstwerk, heeft daarmee ook een toegevoegde betekenis als een hedendaagse interpretatie van de historische kaarten van Delft.”

Beelden

Dankzij mijn totale gebrek aan richtingsgevoel en stedelijk inzicht heeft het bijna een jaar hysterisch wandelen geduurd voordat ik doorhad dat dat ene beeld dat steeds ergens anders opdoemde dan waar ik dacht dat het stond, niet één beeld was, maar vier beelden. Het heet “Vier Windstreken”, dus dat is best logisch.

Ik ondernam een tocht om ze alle vier op de foto te zetten, maar helaas kwam ik niet verder dan drie beelden. Het vierde bleef onvindbaar.

Gelukkig bracht Google uitkomst. Het waren inderdaad ooit vier beelden, gemaakt door Hans la Hey en in 1998 geplaatst op lokatie waar vroeger vier stadspoorten hadden gestaan. Een daarvan, de Oostpoort, bestaat nog steeds. De andere lokatie zijn de Nieuwe Plantage en de Schoolstraat. Het vierde beeld, aan de Zuidwal, is verdwenen. Ik heb niet kunnen achterhalen hoe of wat. Vermoedelijk heeft het met de bebouwing aan de Ezelsveldlaan te maken, maar zeker weet ik dat niet.

Het verhaal achter de beelden kende ik ook nog niet. Ik citeer van de website Kunstwandeling van Geert de Vries:

“Er schijnt een verhaal te zijn dat Willem van Oranje op 10 juli 1584 niet vermoord zou zijn door Balthasar Gerards, maar een natuurlijke dood was gestorven. De 27-jarige Fransman, geboren in Vuillafans, zou dan ook ten onrechte na vier dagen gruwelijke martelingen zijn geëxecuteerd. Dit gebeurde door vierendelen met trekpaarden. De verschillende ledematen werden hierna op de toegangspoorten van Delft ‘tentoongesteld’. Reden genoeg voor La Hey om vier beelden te ontwerpen als ‘eerbetoon’ aan Gerards; ze zijn zo geplaatst dat de Markt het middelpunt vormt. De beelden geven de vier dimensies van ruimte weer, namelijk lengte, breedte, hoogte en diepte.”

Gruwelijk verhaal, maar mooi verbeeld.

Voorburg

Wat een heerlijk lenteweer. We moesten er nog even van genieten, want blijkbaar gaat het komend weekeind weer vriezen. Totaal krankzinnig, dat weerbeleid.

Gisteren fietsten wij met de genietopdracht in de zak naar Voorburg. Daar startte onze wandeling door prachtig Voorburg, langs diverse landhuizen, door veel parken en chique straten. Voorburg is wel een beetje deftig en zijn bewoners zijn dat ook.

Maar ze doen ook rare dingen, zoals afschuwelijk lelijke vogelhuisjes ophangen in die parken. Ik heb er met tegenzin eentje op de foto gezet, maar er hingen er veel meer. Gelukkig viel er ook kunst te bewonderen. Een bootje vol mensen met de titel Spelevaren was extra grappig dankzij de twee kinderen die er vlak naast echt aan het spelevaren waren. Op de foto helaas bijna onzichtbaar.

We genoten van bloeiende bomen. Sommige met bloesem, een andere met een paar schoenen, hoe bijzonder, en weer een ander met een rode bewoner. En natuurlijk plukjes sneeuwklokjes. Het was prachtig en we vroegen ons af of we niet naar Voorburg moesten verhuizen. Maar ja, dat denk ik bij alle uitstapjes die ik maak. En het antwoord is toch altijd weer ontkennend. We wonen natuurlijk prima in Delft (zie de naam van deze weblog). Af en toe ergens anders kijken verandert daar niks aan.

November

November

Het regent en het is november
Weer keert het najaar en belaagt
Het hart, dat droef, maar steeds gewender,
Zijn heimelijke pijnen draagt.

En in de kamer, waar gelaten
Het daaglijks leven wordt verricht,
schijnt uit de troosteloze straten
Een ongekleurd namiddaglicht.

De jaren gaan zoals zij gingen,
Er is alengs geen onderscheid
Meer tussen dove erinneringen
En wat geleefd wordt en verbeid.

Verloren zijn de prille wegen
Om te ontkomen aan de tijd;
Altijd november, altijd regen,
Altijd dit lege hart, altijd.

J.C. Bloem, Media vita, 1931

Theater

Gisteren bezochten we voor het eerst sinds afgelopen maart theater De Veste weer eens. De voorstelling van Spinvis, die eigenlijk ergens in mei gepland was, werd gisteren twee keer gedaan. Eentje ’s middags en eentje ’s avonds. Wij waren gelukkig voor de avondvoorstelling ingeloot.

Het was raar en fijn om weer in het theater te zijn. Na binnenkomst moest je aan een tafeltje gaan zitten dat keurig in een witomrand vierkant was geplaatst. Het was onderdeel van een kunstproject: zwarte blokken geven de afstand aan, het witte vierkant waar je tafel in staat de beslotenheid en op tafel een lamp en een plant voor de gezelligheid. Ook op de muren zijn zwarte lijnen terug te vinden om er een geheel van te maken. Dit is overigens geheel mijn eigen interpretatie van het geheel. De lokale kunstenaars Frans van der Horst (ruimtelijk vormgever) en Micha de Bie (tape art kunstenaar) hebben het gemaakt. En het heet Thuiskomen.

Aan tafel kan je een drankje bestellen en op een gegeven moment mag iedereen – met drankje – per stel of familie naar binnen. Ook daar is de afstand keurig gegarandeerd. Steeds een rij leeg en per rij een aantal stoelen open tussen de verschillende huishoudens. Om dat duidelijk te maken zijn er tafeltjes geinstalleerd. Ook handig voor dat drankje :-).

Spinvis was prachtig. Mooie liedjes, geweldige combinatie van stemmen (Erik de Jong en Saartje Van Camp) en een aardige hoeveelheid muziekinstrumenten die zij bespeelden.

Ik ben blij dat er weer wat theaterbezoek mogelijk is. Ik heb het echt gemist! Nu maar hopen dat we eind oktober weer kunnen.

Laatste dag: van Lalique naar Lakila

Het idee was eigenlijk dat we de laatste dag in Zutphen zouden blijven, nog wat ronddrentelen, lunchen en richting Delft. Maar eigenlijk was ik Zutphen wel een beetje zat. En toen ik ontdekte dat in Doesburg het Lalique Museum gevestigd is, was de keuze snel gemaakt. Op naar Doesburg.

Taartje voor Pieter

Ik ben een groot fan van Lalique. In het Gemeentemuseum in Den Haag hebben ze ook een paar mooie dingen van hem. Een paar jaar geleden was daar een uitgebreide tentoonstelling te zien. In Doesburg is het museum in een prachtig oud koopmans huis gevestigd. Het wordt gerund door meer en minder enthousiaste vrijwilligers en de conservator is het ooit begonnen met zijn eigen privécollectie.

De tijdelijke tentoonstelling heet Koninklijk Licht en omvat onder meer een kroonluchter uit Paleis Soestdijk en de tafelstukken met tulpen die Juul en Benno als huwelijkscadeau kregen. En die Christina tot groot ongenoegen van de gids had geprobeerd te laten veilen nog niet zo heel lang geleden. Gelukkig was daar een stokje voor gestoken. De tulpentafelstukken hadden na éénmalig gebruik door het koninklijk paar alle jaren daarna in de lades van Soestdijk opgestapeld gelegen. Dat is niet goed voor glas, dus ze moesten helemaal gerestaureerd worden. Alweer verontwaardiging bij de gids.

Kroonluchter. De tulpen heb ik niet op de foto gezet.

Ik ben vooral groot fan van zijn fijnere werk; van de broches word ik enorm hebberig. Maar ook zijn glazen vazen zijn prachtig. Vogels en bloemen spelen een belangrijke rol in zijn werk. Dat komt doordat hij de eerste 8 jaar van zijn leven bij zijn grootvader op het platteland geeft gewoond. Daarna haalden zijn ouders hem naar Parijs waar zij woonden en werkten.

Na de lunch bij de oudste horecagelegenheid van Nederland (serieus, het stond op het bord buiten en ze staan ermee in het Guinness Book of Records) en een ommetje door Doesburg kwam er een einde aan deze korte, maar leuke vakantie.

Terug in Delft zijn we bij ons op de hoek bij Lakila gaan eten. Toch nog een beetje vakantie 😀.

Champignon-propellor

We gingen Ouranos naar zijn vijfsterrenvakantieverblijf in Ypenburg brengen. Hij had er zin in, want hij was sinds vorig jaar september niet meer met vakantie geweest.

Op weg naar zijn bestemming kwamen we langs een nieuw kunstwerk (er werd nog aan geknutseld zelfs) op de kop van de Rijswijkse Landingslaan. Het trok meteen de aandacht en niet alleen door de omvang. Het is een intrigerend tafereel. De titel is Ling Zhi Helicopters.

Op het grasveld staan drie champignon-helicopters van ruim 5 meter hoog als een groep vliegtuigen of planten. Het is eigenlijk een hybride van beide. Ze staan in het verlengde van het kanaal waar van 1936 t/m 1987 het vliegveld Ypenburg lag. Het kunstwerk is ontworpen en gemaakt door Huang Yong Ping, die eind vorig jaar plotseling overleed. Het werk was toen al bijna klaar gelukkig en is voltooid onder toeziend oog van de weduwe, zelf ook kunstenaar.

Ling Zhi is een paddestoel die in China in de bergen en op bomen groeit. In de traditionele Chinese medicijnleer verzekert deze paddestoel je van een lang leven. Helaas gold dat niet voor de kunstenaar, die slechts 65 jaar is geworden.

Ik had geen telefoon bij mij om een foto te maken. Daarom heb ik een beeld van de website van de bewonersvereniging van Leidschenveen gepikt.

Huang Yong Ping met een maquette van het kunstwerk