Laatste dag: van Lalique naar Lakila

Het idee was eigenlijk dat we de laatste dag in Zutphen zouden blijven, nog wat ronddrentelen, lunchen en richting Delft. Maar eigenlijk was ik Zutphen wel een beetje zat. En toen ik ontdekte dat in Doesburg het Lalique Museum gevestigd is, was de keuze snel gemaakt. Op naar Doesburg.

Taartje voor Pieter

Ik ben een groot fan van Lalique. In het Gemeentemuseum in Den Haag hebben ze ook een paar mooie dingen van hem. Een paar jaar geleden was daar een uitgebreide tentoonstelling te zien. In Doesburg is het museum in een prachtig oud koopmans huis gevestigd. Het wordt gerund door meer en minder enthousiaste vrijwilligers en de conservator is het ooit begonnen met zijn eigen privécollectie.

De tijdelijke tentoonstelling heet Koninklijk Licht en omvat onder meer een kroonluchter uit Paleis Soestdijk en de tafelstukken met tulpen die Juul en Benno als huwelijkscadeau kregen. En die Christina tot groot ongenoegen van de gids had geprobeerd te laten veilen nog niet zo heel lang geleden. Gelukkig was daar een stokje voor gestoken. De tulpentafelstukken hadden na éénmalig gebruik door het koninklijk paar alle jaren daarna in de lades van Soestdijk opgestapeld gelegen. Dat is niet goed voor glas, dus ze moesten helemaal gerestaureerd worden. Alweer verontwaardiging bij de gids.

Kroonluchter. De tulpen heb ik niet op de foto gezet.

Ik ben vooral groot fan van zijn fijnere werk; van de broches word ik enorm hebberig. Maar ook zijn glazen vazen zijn prachtig. Vogels en bloemen spelen een belangrijke rol in zijn werk. Dat komt doordat hij de eerste 8 jaar van zijn leven bij zijn grootvader op het platteland geeft gewoond. Daarna haalden zijn ouders hem naar Parijs waar zij woonden en werkten.

Na de lunch bij de oudste horecagelegenheid van Nederland (serieus, het stond op het bord buiten en ze staan ermee in het Guinness Book of Records) en een ommetje door Doesburg kwam er een einde aan deze korte, maar leuke vakantie.

Terug in Delft zijn we bij ons op de hoek bij Lakila gaan eten. Toch nog een beetje vakantie 😀.

Van Vorden naar Zutphen, dag 3 en 4

Dag 3 en 4 kunnen wel in één blogje. Het was veel wandelen 😀. Eerst met het boemeltje naar Vorden en van daaruit naar Zutphen teruglopen met een overnachting in Bronckhorst. Dat is een soort openluchtmuseum met een herberg waar je kunt eten en slapen. Verder is er weinig te beleven.

Het was lekker weer om te lopen, niet meer zo bloedverziekend heet als dinsdag 🌞. We liepen door een heel ander landschap ook. Veel bos, maar ook maïsvelden en weiland. Regelmatig moesten we beekjes en sloten oversteken. Hoewel die vaak maar halfvol water stonden, namen we voor de zekerheid toch maar de bruggetjes of in geval.van de IJssel de veerpont.

En zo stapten we 30 uur later hetzelfde hotel in Zutphen weer binnen. Maar wij zijn niet meer precies hetzelfde als toen. 40 kilometers in de benen en mooie ervaringen rijker.

2e wandeldag: Deventer – Zutphen

Na het stadse dagje gisteren (daar komt later nog wel een keer een verslagje van) moesten we vandaag weer flink aan de bak. De SNP wilde graag onze bagage rond 9 uur ophalen, dus de wekker werd vroeg gezet.

Omdat we weinig horeca zouden tegenkomen, zijn we eerst maar wat mondvoorraad gaan inslaan. Broodjes, droge worst, bananen: zo komen we de dag wel door.

Om te beginnen maar eens de IJssel oversteken met een pontje. En daarna was het eigenlijk alsmaar door de uiterwaarden struinen.

Dag Deventer
IJssel met uiterwaarden

We kwamen de Deventer schaapskudde tegen, losse schapen , koeien, allerhande watervogels en veel grijze golf fietsers. De wandelaars waren op de vingers van één hand te tellen.

Gelukkig stuitten we rond koffietijd (voor mij ontbijttijd) toch nog op een terras waar ze erg lekkere perenkruimeltaart hadden. Gemaakt met heel weinig suiker en peren uit de naastgelegen boomgaard.

Vanwege de uiterwaarden en het vee moesten we regelmatig over kleine afrasteringen klimmen. Eén keer hadden we er eentje gemist en kostte het wat meer moeite: stroom van het schrikken draad eraf halen, over een vrijhoog hek klimmen, stroom er weer op en dóór. Hier is geen foto van vanwege te druk met oversteken 😀. De foto us van een minder spectaculair hek.

Bij de ruïne van Kasteel Nijenbeek prachtig uitzicht en de oudste en de grootste Canadese populier van Nederland.

Hoewel het flink warm begon te worden, verliep deze tweede wandeldag weer voorspoedig. Tegen half drie kwamen we aan in Zutphen. Helaas rekende hotel pas om 16 uur op ons. Lekker gastvrij. We moesten dus nog een uurtje op een terras doorbrengen. Heel vervelend 😀

Zicht op Zutphen

1e dag: Olst-Deventer

Gisteravond dankzij een tip van collega N, die een extended schoonfamilie in en om Deventer heeft, heerlijk gegeten bij Bird aan de IJssel. Een Aziatische keuken met kleine gerechten om te delen. Erg lekker!

Goed geslapen op de vide en ook midden in de nacht de steile trap overleefd. Toen gingen we ontbijten. Vanwege covid19 moesten we in shifts. Maar de ontbijtzaal was zo klein dat het absoluut onmogelijk was om coronaproof te blijven. Nu is het ontbijt toch al niet mijn favoriete maaltijd, op 50 centimeter van 3 drukke stellen zitten, maakte het er niet beter op. Morgen doen we zelf wel iets.

Om wandeldag 1 rustig te beginnen namen we de bus naar Olst. Daar startte de route die ons terug zou voeren naar Deventer. Het was lekker weer, een mooie omgeving, niet al te druk met dagjesmensen, kortom prima voorwaarden allemaal.

We liepen langs de IJssellandse waterlinie met kazematten, langs kastelen en landgoederen. Landhuis De Haere waar we precies op tijd waren voor de lunch en landgoed De Rande waar we precies op tijd waren voor een glaasje muntthee. Ik kocht daar ook meteen een vakantiesouvenier voor de letterbak: een geluksschaapje. Dat is nog nooit gebeurd: op dag 1 meteen een geschikt souvenir. Wat een rust de rest van de week!

Langs de uiterwaarden van de IJssel liepen we zo Deventer weer in. Fijn eerst dagje, met 15 kilometer en nog niet al te tropisch rustigaan ingelopen. Morgen rustdag om Deventer te bekijken 😀

Dagje Leiden met regen

Het weer was niet erg veelbelovend, dus we begonnen vandaag met een bezoek aan het Von Sieboldhuis op het Rapenburg in Leiden. Jammer genoeg wss de vaste collectie nauwelijks te bewonderen. Er was maar een klein kamertje toegankelijk, de grote panoramakamer en de kelder waren gesloten. De tentoonstelling over katten in de Japanse kunst was wel interessant. Die ontzettend lelijke zwaaiende kitschkatten (meneki neko) blijken gelukskatten te zijn. Het opgeheven rechterpootje brengt rijkdom en geluk, maar is het linkerpootje opgeheven, dan brengt dat klanten binnen. En hoe hoger het pootje hoe groter het geluk. Of hoe meer klanten natuurlijk.

Na deze enerverende indrukken en een lunch bij Pardoeza, dat al heel lang geen Pardoeza meer heet, maar ik kan niet wennen aan die nieuwe naam, was het droog en kon er gewandeld worden!

De wandelzapp had een mooie tocht voor ons in petto via de binnenstad – waar ik een van de vele muur gedichten fotografeerde – naar de Leidse Hout. Geboren en getogen in Leiden was het volgens mij de eerste keer dat ik daar wandelde 😀. Langs Oud Poelgeest, een statig landgoed waar Herman Boerhave (van het Museum Boerhaave) nog heeft gewoond.

Het laatste stukje naar het station toch nog kleddernat geregend, maar het was een leuk dagje.

Wandelen in Utrecht

Vandaag was de echte test van de nieuwe wandelapp. We vertrokken gewapend met mondkapjes per trein naar Utrecht. Het was even lastig om het begin van de wandeling te vinden. Dat kwam doordat we op Utrecht Centraal niet goed snapten of we de Jaarbeurszijde of de centrumkant moesten hebben. De beschrijving hielp niet echt en het blauwe bolletje op de kaart deed het niet. De verklaring bleek uitermate simpel: de wandeling begint bij station Utrecht Overvecht. Gelukkig ben je daar met de trein in 5 minuten 😀.

Een leuke wandeling en de app loodste ons perfect over paden en langs weggetjes. We kwamen langs diverse forten van de Hollandse Waterlinie. En op een bankje knaagden we een meegebracht broodje weg. Op horeca durfden we toch nog niet helemaal te rekenen. Bijna aan het einde van de wandeling was er toch nog een zelfbedieningshutje waar je koffie van Maria kon gebruiken. Dat hebben we maar aan ons voorbij laten gaan, evenals de voetmassage. Bij station Overvecht zat een knus cafeetje waar ze lekkere koffie voor Pieter en gemberthee voor mij hadden. Even uit puffen van wel 16 kilometer wandelen. We zijn niet echt in prima vorm. Misschien hadden we de voetzolen toch even moeten laten masseren? Nou ja, rustig zitten en van de thee genieten doet ook wonderen. Daarna de mondkap weer op en terug naar Delft.